“Ik ben geen drama queen”

Weer trots op mezelf

Informatie & advies

050-5239494

Print pagina

Romy had een problematische jeugd, met een strenge vader en een moeder met Borderline.

 Er was veel ruzie thuis en Romy werd steeds opstandiger. Op school werd ze bovendien verschrikkelijk gepest. Na verschillende incidenten werd Romy aangemeld bij het FACT-jeugdteam. Aanvankelijk had Romy niet veel vertrouwen in weer een nieuwe hulpverlener. Maar inmiddels is ze zeer gemotiveerd om aan haar behandeling te werken. Haar persoonlijk begeleider is Camila Barradas van Elker. Romy: “Camila staat op nummer 1 van alle mensen uit de jeugdzorg met wie ik ooit te maken heb gehad. Ik kan nu weer manieren vinden om trots op mezelf te zijn.”

FACT-jeugdteams in Noord-Nederland
Organisaties in de jeugdzorg realiseerden zich dat  de groep jongeren met complexe problematiek moeilijk te bereiken is met hulp. Of ze zijn extreem zorg mijdend, of ze hebben te weinig baat bij de bestaande hulpverlening. Het gaat om probleemjongeren van de zwaarste categorie: kinderen die niet of nauwelijks naar school gaan, op straat zwerven, in crimineel gedrag vervallen en vaak uit multiprobleemgezinnen komen. Voor deze jongeren zijn in heel Nederland FACT-jeugdteams opgericht. FACT staat voor de methodiek Flexibel Assertive Community Treatment.

Er zijn in Noord-Nederland inmiddels op elf plekken
FACT-jeugd­teams actief: in Assen, Emmen, Groningen-stad, Hoogeveen, Hardenberg/Ommen, Meppel, Drachten, Leeuwarden en Sneek. In 2016 komen er nog twee teams bij: in Winschoten en Stadskanaal. Verschillende organisaties doen aan een of meerdere FACT jeugdteams mee in Noord-Nederland: VNN, Trias, Tactus, Reik, Karakter, Kinnik, Lentis Jonx, Jeugdhulp Friesland, GGZ Drenthe, Elker, Ambiq en Accare.

De deur niet open doen
Camila Barradas, ambulant jongerenwerker bij Elker en gedragstherapeutisch werker in opleiding vertelt over de aanpak: “Het gaat om jongeren t/m 23 jaar met zware problemen, die hun trauma’s ontvluchten door zich af te sluiten of juist door zich heel extreem te gedragen. Vaak is er sprake van psychiatrische problematiek, criminaliteit en/of verslaving. De situatie is bij elke jongere weer anders.De eerste stap die we met FACT zetten is het opbouwen van het contact en het winnen van het vertrouwen. Zoals pas geleden met een jongen die de deur niet voor me open deed. Dan ga ik de volgende dag weer. De derde dag liet hij me binnen. Later zei hij dat hij het wel oké vond dat ik volhield.

We starten met het regelen van praktische zaken, zoals het aanvragen van een uitkering of een woning. Merkt een jongere, dat ik er echt voor hem wil zijn, dan probeer ik of ik bij zijn problemen mag komen. Dan werken we samen met de jongere toe naar behandeling van zijn problemen. Behandelingen kunnen gericht zijn op onder meer trauma, verslaving, psychiatrische problematiek en gezinsproblemen. Indien nodig en mogelijk hebben we ook contact met de omgeving, zoals school, ouders, huisarts.”

Laten zien dat je betrouwbaar bent
“Binnen het FACT-jeugdteam werken we heel nauw met elkaar samen, hebben veel overleg over elke jongere. Bij een crisis maak je je agenda leeg om een jongere te helpen. Soms ga je samen met een collega naar een jongere toe, als je de veiligheid niet goed kunt inschatten. Zo was er een meisje in behandeling die bij haar vriendje was weggelopen en naar haar labiele en verslaafde moeder was gegaan. Daar ben ik met een collega naar toe gegaan om de situatie te beoordelen en hulp te bieden. Je moet altijd aansluiten bij de situatie op dat moment. Dit werk vraagt om flexibiliteit en kunnen switchen van rol. Je moet ertegen kunnen dat een jongere niet komt opdagen op een afspraak, onderduikt, moeilijk benaderbaar is. En je moet laten zien dat je betrouwbaar bent en dat je hen niet laat stikken, ook al slaan ze de deur voor je neus dicht. Het is echte bemoeizorg. Het mooie in dit werk is dat het toch lukt om contact met een jongere te krijgen, ook al zit hij of zij niet op me te wachten. En dat er uiteindelijk behandelresultaat is en de jongere weer grip op het leven krijgt.

Zo werken we nu met een getraumatiseerde jongen met klassiek autisme. Hij leeft in zijn stoel en gaat niet naar school. Hij is volledig geblokkeerd door zijn stoornis. Ik ben nu bezig het contact met hem op te bouwen. Hij heeft al gezegd dat hij graag weer naar school gaat. Het gaat altijd om zorgelijke, complexe casussen. Zo’n jongere ervaart het leven als chaotisch, fragmentarisch of extreem spannend. Het is heel belangrijk om aan te sluiten op de beleving van elke jongere.”

Opname voorkomen
Er zijn altijd meerdere disciplines bij een jongere betrokken, omdat de problemen op verschillende vlakken liggen. In het FACT-jeugdteam in Groningen-stad werken Elker, Accare en VNN samen. In januari 2016 komen Lentis en Reik daar nog bij. De inhoudelijke verantwoordelijkheid ligt bij hoofdbehandelaars Saskia Strikwold (gedragstherapeut bij Elker) en Herman Wiersma (jeugdpsychiater bij Accare). Camila: “De aanmeldingen komen bij Saskia en mij binnen. We bespreken in het team welk type behandelaar het best met de situatie matcht. Er zijn meestal minimaal drie verschillende behandelaars met een jongere bezig. Vaak bereiken we dat een jongere niet hoeft te worden opgenomen of dat de opname korter is. Opname is soms wel nodig: een jongere kan soms beter in een kliniek worden ingesteld op medicatie.”

“Je moet laten zien dat je betrouwbaar bent en dat je hen niet laat stikken, ook al slaan ze de deur voor je neus dicht.”

“Ik ben geen drama queen”

Romy weet sinds begin dit jaar dat zij ook een borderline persoonlijkheidsstoornis heeft: “Ik ben opgelucht dat ik nu begrijp wat er met mij aan de hand is. Ik wilde altijd zo graag begrepen worden. Mijn vader zei altijd dat ik me aanstelde en dat ik een drama queen was. Mijn ouders sleepten me mee van de ene jeugdzorginstelling naar de andere. Geen van die hulpverleners wist hoe ze me konden helpen. Voor mij was het normaal hoe ik op dingen reageerde.

Nu ik therapie heb, snap ik veel beter waar mijn gedrag vandaan komt. Ik ben blij dat er eindelijk antwoorden komen. Nu weet ik wat er aan de hand is en hoe ik het leven voor mezelf en mijn ouders gemakkelijker kan maken. Ik ben heel leergierig en super gemotiveerd: ik ben op allerlei fronten bezig met therapie. En ik ben altijd blij als ik daar weer heen kan. Ik heb niet zulke ingewikkelde dromen. Als ik alleen maar gelukkig kan zijn!”